eb en vloed

IMG_1940-1

Als ik bij het strand ben, raak ik gefascineerd door het spel van de golven. Soms trekt de zee langzaam terug en komt er steeds meer strand bij. Een paar uur later is het net andersom. De mensen die bij de waterlijn liggen moeten zo langzamerhand hun handdoek oppakken en verderop plaats nemen, voordat een flinke golf ineens toch verder komt dan alle vorige golven.

De zee is ook altijd weer anders. Soms is hij kalm en is er bijna geen branding. Een andere keer is er storm en is het woest op zee. De golven slaan met grote kracht tegen de rotsen. De spetters slaan alle kanten op en ik wacht tot er nóg een grotere, dikkere golf aankomt die nóg meer spetters in het rond gooit. Wat een kracht zit er toch in de golven.

Het blijft een mooi gezicht die zee.

Laatst vroeg ik aan de Heer: Onze kinderen, onze familie, onze vrienden, U weet wel… Zij kennen U niet, zijn er niet mee opgegroeid of willen U niet meer kennen. Ze zijn op het hele kerkzaakje met zijn regels afgeknapt, de catechisatie waar je geen moeilijke vragen moest stellen want lesje 23 was gewoon aan de beurt, de vragen over schepping of evolutie die werden afgedaan met dat is gewoon zo, of de mensen die niet deden zoals ze hadden verwacht en langzamerhand waren ze er helemaal klaar mee. Ze geloven niet dat U bestaat of hebben nog nooit van U gehoord. Ze kennen U niet zoals ik U ken. Hoe nu Vader? Het gaat mij aan het hart, maar ik kan het niet veranderen. Wat moet ik er mee? Wat kan ik er mee? Ik laat het los en wil vertrouwen op de heilige Geest. Die klopt aan de deur en blijft heus wel kloppen. Tegelijk gaat het mij aan het hart en kan ik het ook niet goed loslaten. Ik wil vertrouwen en zo wil ik het in Uw hand leggen.

Als ik zo aan het bidden ben, vraag ik God of Hij mij iets wil laten zien, tot mij wil spreken. Dit gebeurd soms door teksten uit de bijbel die ineens tot mij spreken terwijl ze mij anders niet opvielen. Of door een lied wat ineens mijn lijflied wordt voor een tijdje. En soms droom ik iets waardoor iets helemaal duidelijk wordt of krijg ik gedachten waarin ik het helemaal voor me zie.

Zo werd ik deze keer ook bemoedigd door God, Hij liet me enkele weken geleden een voorbeeld zien van eb en vloed, golven, strandpalen en de zee.

strandpaal 300x378 img_5333

Ik mag zijn als een strandpaal. Vast op het fundament en als een baken.

Degene waar ik mij druk om maak, liet God mij zien, zijn als de golven.  De zee trekt soms terug, bij God vandaan. Soms wel héél erg ver terug. Zover dat ik ga denken, dat is wel heel ver weg, komt die golf wel terug? Zoals bij een tsunami de zee heel ver terug kan trekken. En dan ineens, veroorzaakt door een aardbeving in iemands leven, komt er een grotere golf weer richting het strand, richting God. Zoveel groter dan wij verwacht hadden.

Of de golven langs de waterlijn bij eb en vloed. De zee komt op richting het strand en dan gaat de zee weer terug. Dicht bij God, dichterbij de strandpaal maar dan ook weer terug.

God liet mij zien. Maak jij je geen zorgen. Laat het los. Ik heb alles in de hand. ik heb de wereld gemaakt, de zon, maan en sterren. Alles geplaatst en ik heb de wereld tussen duim en wijsvinger. Denk je dat het Mij uit de hand loopt? God laat niet los wat zijn hand begonnen is.

Ik mag een strandpaal zijn, stevig op het fundament Jezus. Een baken. Laat anderen zien dat dat je fundament is en verder hoef je niets te doen, kun je niets doen. Heb elkaar lief. Zoals ik jullie heb liefgehad, zo moeten jullie elkaar liefhebben staat in Johannes 13:35

Wat is dan die liefde? Alleen voor de mensen die jou liggen en hetzelfde als jou denken en doen? In Korinthe 13 staat de liefde omschreven:

De liefde

Zonder liefde is alles zinloos

1 Als je geen liefde hebt voor anderen, zijn je woorden zinloos. Zelfs al laat de heilige Geest je alle talen van de wereld spreken, en ook nog de taal van de engelen.

2 Als je geen liefde hebt voor anderen, beteken je niets. Zelfs al laat God je zijn boodschap bekendmaken en krijg je van hem al zijn geheime kennis. En zelfs al heb je zo’n groot geloof dat je bergen kunt verplaatsen.

3 Als je geen liefde hebt voor anderen, dan is alles wat je doet, zinloos.

Als wij elkaar nu gewoon liefhebben, elkaar de ruimte en de vrijheid geven om als golven te gaan, dan hoeven wij ons niet druk te maken en te oordelen. God redt zich er heus wel mee. Iedereen heeft zijn eigen zoektocht in het leven.

Onkruid vergaat niet

onkruid - paardenbloem

onkruid - paardenbloem

Vandaag dan eindelijk de moed gevat om in de tuin te gaan werken. Of eigenlijk de oprit schoonmaken, want daar groeit het onkruid haast bij de ramen op. Als er iets is waar ik een hekel aan heb, is het wel in de tuin werken. Na een half uurtje denk ik meestal: Huh, wat verschrikkelijk dit! En schreeuwt het in mijn hoofd: Wanneer mag ik hier weg?! Ik ben er zat van!

Onkruid bestaat uit mooie bloempjes 

Vroeger voelde ik mij onkruid. Ongewenst. Niet geliefd. Opgegroeid met het gevoel dat niemand om mij gaf en dat ik dus ook niets waard was. Veel van wat ik deed werd als fout bestempeld en door al die straf en afkeuring voelde ik mij steeds waardelozer en waardelozer.

En zo groeide ik op en ging ik het leven in met een gedachte van onwaardigheid over mezelf 

Ik heb jarenlang deze gedachten over mijzelf gehad. In mijn hart was het vol met gevoelens van onwaardig zijn, er niet bij horen, er niet niet toe doen, ze hoeven me niet, ik ben niet in tel, anderen zijn mooier, weten het beter en nog veel meer zulke gedachtes spookten er rond.

Zie je wel ik ben onkruid

Waren er bijvoorbeeld 15 vrouwen die met zijn allen naar de Eva dag gingen, ze hadden een mailtje rond gedaan en ik had geen mail gehad. Meteen dacht ik, zie je wel. Ze hoeven me niet, ik hoor er niet bij enzovoort. Terwijl dat dwaze gedachten waren die in mijn hoofd spookten. Natuurlijk mocht ik gewoon mee, uiteraard word er wel eens iemand vergeten in een maillijstje en was er niets aan de hand. Maar ik voelde de afwijzing en voor mijzelf de bevestiging van mijn eigen gedachten over mezelf.

Toch was ik me niet echt bewust van de onderliggende minderwaardigheid bij mezelf en vooral overtuigd van mijn interpretatie van dit voorval.

Voor mezelf had ik een manier gevonden die mij hielp om erbij te horen. Ik overschreeuwde deze diepliggende onwaardige gevoelens door te zorgen dat ik van alles en nog wat voor anderen deed, zodat ze mij wel aardig móesten vinden.  Maak je gewoon wat onbetaalde overuren op het werk om alles wat af te krijgen, of je neemt wat werk mee naar huis, nou dan vinden ze je toch wel aardig? Als er gevraagd werd wie dit of dat wou doen en niemand zei wat, dan zei ik, ik doe ik wel. Er  ‘even’ bij doen. De clown uit hangen en wat populair en stoer doen werkte ook perfect. Alles  deed ik om er bij te horen. Langzaam maar zeker vervreemde ik steeds meer van mezelf.

Het leek een perfecte overlevingsstrategie. Waar ik bijna 40 jaar gebruik van gemaakt heb. Zo ben ik jaren over mijn eigen grenzen gegaan. Soms deed ik allerlei dingen waar ik niet echt tijd voor had, maar waar ik dan maar tijd voor maakte. Inleveren op mijn eigen tijd. Inleveren op dingen die ik voor mezelf gepland had, of schuiven en schuiven in mijn agenda zodat een ander voorging. Want ja, die anderen vragen toch iets en dan ga ik niet zeggen dat het mij eigenlijk niet past.

En na ruim 40 jaar zo geleefd te hebben dacht ik, wie ben ik zelf eigenlijk? Wat zou ik zelf graag willen doen? Wat vind ik zelf leuk? Wie ben ik eigenlijk? En dat heeft een hele zoektocht op geleverd.

Eerst mocht ik zicht krijgen op welk onrecht er was in mijn jeugd, waardoor deze gevoelens waren ontstaan. Voor mij was het gewoon mijn jeugd, want zo was het nu eenmaal. Maar nu kwam ik er achter dat ik daar wel gevolgen van had. Ik mocht ontdekken wat kinderen nodig hebben om op te groeien tot autonome volwassenen. Liefde en aandacht, geborgenheid, waardering voor wie je bent dat je er mag zijn, zoals je bent. Zodoende kwam ik tot de schrijnende ontdekking dat dat ontbrak in mijn jeugd. Wat een schril contrast met grote gevolgen. De pijn daarover en het verdriet om het onrecht moest ik dwars doorheen.

Niet om onrecht goed te praten, maar wel om verder te kijken begon ik in te zien dat ook mijn ouders gevormd waren door hun jeugd en omstandigheden. En met hun beste kunnen aan het opvoeden zijn geslagen. Dat dit niet lukte en dat er geen hulp ingeschakeld is, dat is hun verantwoordelijkheid. Wel heb ik meer begrip gekregen door mij te verdiepen in hun omstandigheden. En dat de bal nu bij mij ligt. Ik kan zelf een twist geven aan het onrecht door aan mijzelf te werken en het onrecht en de gevolgen daarvan te doorbreken.

Langzaam maar zeker mocht ik ontdekken dat ik het niet iedereen naar de zin kon maken. Dat zoiets ook helemaal niet hoeft. Niet iedereen hoeft mij aardig te vinden. Je kunt ook niet met iedereen bevriend zijn. Niet iedereen ligt mij  en dat is ok. We zijn verschillend. Met de een heb je vanzelf een klik en met de ander zal die klik er nooit komen. Dat geeft niet. Ik mag mezelf zijn en die ander mag ook zichzelf zijn. Wie dan bij wie het beste past als vrienden dat wijst zich vanzelf. Dat geeft veel ruimte en vrijheid.

En soms hebben deze gedachten toch weer vat op mij. Voel ik mij meer onkruid dan dat mooie bloempje zoals God mij geschapen heeft. Val ik weer in de valkuil en ga ik eindeloos over mijn eigen grenzen.  Dan vergeet ik weer dat God mij prachtig gemaakt heeft. En dat dat het belangrijkste is. Hij is blij met mij. Gewoon om wie ik ben, zijn geliefde kind. Iedere keer als ik weer naar deze waarheid terug ga, dit weer lees en over mezelf uitspreek dan valt het andere weer weg. Het blijft een kwestie van bij de goede bron blijven.

Want onkruid moet niet vergaan en wegkwijnen. Nee! Onkruid mag ontdekken hoe mooi ze is. Zichzelf op waarde gaan schatten. Door de ogen van God naar jezelf leren kijken

 

Onder de douche

douchekop
 Vanochtend stond ik onder de douche
          
En niet does zoals ik zelf eigenlijk altijd uitspreek. Meestal word ik hierover gecorrigeerd door zoonlief. douche zegt ie dan. Douche…che…che… Ehm , ik snap em. Volgens mij kon je vroeger nog gewoon wegkomen met does, maar nu niet meer hier. Net als lunch. Klinkt bij mij als luns blijkbaar. Oh nee, ik moet lunch zeggen. Lunch..ch!! Maar dat terzijde, ik stond dus onder de douche.
Ik was druk aan het nadenken over het ww-er zijn, baanloos, solliciteren, wat moet ik nu weer in mijn brief schrijven, wanneer vind ik dan eindelijk eens een baan, hoe lang gaat dit nog duren enzovoorts. Vorige keer duurde mijn werkloosheid 1 jaar en 4 mnd, wat dat betreft heb ik nog even, maar toch lokt dat me helemaal niet.
Hoe langer ik er over nadacht, hoe meer ik er eigenlijk van baalde.
Zoiets kan dus best in je hoofd spoken. Baanloos, solliciteren en het UWV in je nek te hijgen, hopen dat je wat leuks gaat vinden, of zal ik op iets geheel anders solliciteren wat mij ook wel leuk lijkt? Wat vind ik dan eigenlijk nog meer leuk? Hoe kom ik daar tussen met deze administratieve cv? Wanneer ben ik dan eindelijk eens weer aan de beurt in het arbeidsproces?
Het kan toch niet zo zijn dat heel Nederland tot zijn 67e moet werken en ik al vanaf mijn 49e thuis zit te koekeloeren?!
Al met al veel onzekerheden en dan moet je ‘gewoon’ vertrouwen houden, loslaten enzovoort. Altijd datzelfde riedeltje. Je kent het misschien wel en anders willen anderen je er wel even fijntjes op wijzen.  Maar zo voelt het niet altijd. Vanochtend onder de douche tenminste even niet. Toen dacht ik toch echt: Hoe dan? Wanneer dan?
Daarnaast is er dan ook nog de Muskathlon waar ik me voor opgegeven heb. De opgave was half juni en 3 weken later kreeg ik te horen dat ik zonder werk zou komen, hoe doe je dat dan financieel? En dan een blessure sinds juli, die ook nooit weer weg is gegaan…
Er zijn echt superveel dingen die ik echt niet snap. Er zijn ook heel veel dingen waar ik wel eens van baal en evenzo veel dingen waar ik mij over verbaas. Een planning maken heeft op zich niet eens zoveel zin, want het gaat toch anders. Nou ja, die planning kan dan wel, maar bijt je er niet in vast. Want het blijkt dat als het anders gaat, het toch ook goed komt.
Inderdaad heb ik sinds ik baanloos ben, alle tijd om acties te voeren voor de Muskathlon, inderdaad heb ik alle tijd om mijn boeken voor Koinonia te lezen en dat is super fijn!
Maar dat onzekere dat je geen baan hebt, blijft toch wel lastig.
 Heb je een baan dan ga je gewoon 3 dagen per week naar je werkplek, doe je met plezier je werk, tenminste ik had er wel plezier in en je weet wat er elke maand aan loon word bijgeschreven. Lekker overzichtelijk! Dat beviel mij prima. Ik ben niet zo van de structuur en regels maar deze structuur paste prima bij mij. En dan nu, alles staat op losse schroeven.
Ik denk er nog es even over na, Want daar zit je dan, met je gaven en talenten, op de hoek van de bank, alle tijd om na te denken immers.
Dan voel ik me toch ook net Petrus. Dappere strijder, durft van alles, stapt zo uit de boot en dan ineens bekruipt hem het gevoel van kan ik dit wel? En hij zakt in de golven. Soms zak ik ook wel eens in de golven. Dan denk ik, hoe komt het allemaal? En dan is even de rust en vrede weg. Lastig hoor. Gelukkig is er altijd weer Jezus zijn hand die me weer optilt en moed geeft om door te gaan.
In mijn twijfels, mijn verdriet,
In mijn falen ontbreekt U niet
in uw liefde reist U mee….
      
God van licht, wees mijn gids
U bent de rust, als het stormt op zee


 

Wat zeg je? De Muskathlon???

f6b38df0eeceba6fe7b413759e094e08-00069e7a

Wat is een Muskathlon?

Het is een ultieme uitdaging, die je aangaat op sportief gebied en daarnaast probeer je tegelijk 10.000 euro aan sponsorgeld in te zamelen voor het goede doel. Je bent dan ongeveer 1 week in het land, waar je goede doel projecten heeft. Je bemoedigd de mensen door naar ze om te zien, een sportdag voor en met hen te hebben, huisbezoeken om te zien hoe hun leefomstandigheden zijn en waar je het dus uiteindelijk voor doet. Zo mogen ze merken dat ze belangrijk zijn, dat wij er voor ze zijn. Je kunt ze hoop bieden in uitzichtloze situaties.

Hoe kom ik erbij om een Muskathlon te gaan doen?

Enkele jaren geleden deed Arjen, een oud-collega mee aan een Muskathlon en dat vond ik zo mooi! Een jaar later deed Tineke, zijn vrouw, ook mee en ik dacht, als zij dat kunnen ( halve of hele marathon lopen) dan zou ik dat toch ook moeten kunnen?  Zij waren geen hardlopers en ik ook niet, maar toch deden ze het.

Mijn verlangen was geboren…

Dus dacht ik toen, ik ga vast wat hardlopen in de sportschool, maar kwam er meteen achter, dat dat nog niet meeviel. Zonder enig rek- en strekwerk ging ik 3x per week aan het hardlopen en ja hoor, na twee maand voelde ik mijn heup/ hamstring /ischiasspier of zeg het maar wat het was. Het voelde in elk geval niet goed, zodat ik maar weer wat anders ben gaan doen in de sportschool . Het hardlopen heb ik toen eerst maar weer gelaten voor wat het was.

Het idee van een Muskathlon bleef wat spoken in mijn hoofd.

Ooit zou ik dat ook nog eens gaan doen, maar er waren zoveel redenen om het ook niet te gaan doen. Want  ik moest eerst mijzelf weer wat op de rit hebben, we hadden verhuisplannen, waar haal ik die 10.000 euro vandaan, ach zo’n Muskathlon is ook voor mensen die heel erg in de Heer zijn en ik ben niet zo’n holy holytype,  ik heb toch niet zo’n grote achterban dat lukt me nooit, ik was baanloos en had het druk met solliciteren, hardlopen is best zwaar en dan ook nog al die acties. Hoe ga ik dat doen? Zie je wel, allemaal redenen om het nu nog niet te doen, terwijl het verlangen er al wel was.

Hoe kom ik er dan bij om naar Indonesië te gaan?

Tja, ik had altijd in mijn hoofd om nog eens in Afrika te gaan kijken, het zelf te ervaren en te zien met eigen ogen.  De armoede in sloppenwijken, de uitzichtloze situaties, omdat ze er zelf niets aan kunnen doen, geen geld hebben om wat aan hun omstandigheden te  veranderen. Zelf hebben we ook een sponsorzoon in Tanzania en hij en zijn ouders zijn daar enorm mee geholpen. Ach, Afrika is voor ons zo bekend. De armoede, hongersnood, aids en ellende. Inmiddels zijn er al vele bekenden van mij naar Oeganda geweest met een Muskathlon, Oeganda was in de regio Drachten al wel onder de aandacht gebracht. Ik las op de site van de Muskathlon dat er in Indonesië ook een Muskathlon werd georganiseerd. Ik wist eigenlijk helemaal niks van Indonesië, armoede daar was mij onbekend, maar mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Iedereen gaat naar Afrika, maar wie komt er dan op voor de kinderen in Indonesië? Dat wil ik wel doen. Ik wil de stem zijn van deze kinderen.

website-header-04

Het laatste duwtje

En toen hoorde ik een preek over minderwaardigheid, die me erg aansprak. Dat is toch een thema, wat jaren mijn leven onbewust heeft gekenmerkt. De laatste 10 jaar ben ik me er meer bewust van, ben mezelf tegen gekomen en heb ik hier aan gewerkt. Belangrijk was altijd voor mij, wat een ander er van vind. Doe ik het wel goed, had ik het anders moeten doen en wat vind iedereen van mij.  De leugen dat een ander meer of beter is, meer holy holy enz en wie ben ik nu helemaal?  Tja, wie ben ik? Ik mag er zijn en ben een geliefd kind van God.  Ik mag het op mijn manier doen.

Ineens waren al mijn redenen om niet te gaan helemaal niet belangrijk meer.

We zongen aan het eind van die bewuste dienst: Ga dan op weg in Jezus naam. En het voelde alsof ik in gang werd gezet. ik dacht, dit is het startschot voor mij. Ik mag gaan, ondanks hoe ik mij soms minder voel dan anderen enz. En dat allemaal met hulp en steun van jullie allemaal. De reis en het verblijf betaal ik uit eigen zak en die 10.000 euro waarmee deze kinderen en gezinnen geholpen worden, hoop ik bij elkaar te sprokkelen door sponsoracties. Dat hardlopen, ach, dat zal vast wel gaan lukken. Die 10.000 euro bij elkaar sprokkelen? Komt vast goed. Tja, waar kun je je druk om maken:  Ga op weg in Jezus naam…

Hangslot

cijferslotSinds enkele maanden hebben ze nieuwe kluisjes bij de sportclub, waar je zelf een hangslotje op moet zetten. Uiteraard hebben ze, als service, bij de club wel slotjes te koop, maar deze zijn er alleen met een sleutel en mij lijkt zo’n cijferslot wel handig. En deze zuinigerd denkt dat de bouwmarkt wel goedkoper zal zijn. Tis maar 4 euro, maar toch…het kan vast wel voor 3.

 

Zo’n cijferslot is toch ook veel handiger? En dan dat gehannes met zo’n sleuteltje, want waar laat je tijdens het sporten dat sleuteltje? Prop je die bij je bh in, in je sok of onderbroek of aan een elastiekje om je pols of drinkfles? Geen van deze opties lijkt me ideaal. Het ene prikt en het andere irriteert dus ik dacht, ik kijk bij de bouwmarkt wel even of ik een goedkoop cijferslotje kan vinden.

Bij de Karwei hing een mooi klein slotje, met 3 cijfers, ideaal voor mij. Niet te duur, al was ie toch al weer duurder dan die 4 euro van de sportclub, maar deze optie leek me gewoon beter! En mijn zelfbedachte code 538 leek me ook wel makkelijk te onthouden. Op naar de sportschool met mijn pasje om door de toegangsdraaideur te komen, anders kom je sowiesor al niet in. Hangslot mee en een tas vol met mijn sportieve outfit. In de kleedkamer verkleden, bril in de tas, want bij het sporten ga je zweten en dan vind ik een bril niet fijn. Hupsa de tas in de kluis, slotje vast, sporten maar.

 

Na een uur kom ik half dood van het sporten weer in de kleedkamer bij mijn kluisje….kan ik de cijfers niet lezen op het slot en mijn bril zit in mijn tas. IN de kluis. Heb ik maar een sportieve jonge meid, met nog goed zicht, gevraagd of ze mijn slot even wilde openen. Tuurlijk wou ze dat doen, oude mensen help je toch ook even vriendelijk! Ze zei nog net niet: “Lukt het verder zo? Of kan ik ergens anders nog mee helpen?”.

euro's

De volgende keer toch maar braaf 4 euro meegenomen en een slotje met sleutel aan de balie gekocht.

En waar laat ik dat sleuteltje nu tijdens het sporten? Och het is zo simpel! Ik loop toch alleen maar op de loopband dus ik kan hem rustig een uurtje voor me neerleggen zonder dat ik hem kwijtraak.

Die nieuwe fratsen ook van de club.

 

5453 een mooi rijtje

rapportHet huiswerkklasje In de zesde klas van de lagere school, kreeg ik het advies om naar de HAVO te gaan. Met de hakken over de sloot de CITO toets gemaakt, maar ga het toch maar proberen. Dat eerste jaar was ik nog enigszins fanatiek om huiswerk te maken en op te letten, maar aan de andere kant was ik ook best wel eigenwijs. De ik-red-mij-zelf-wel basis was al een poosje gelegd in mij. Ik haalde vele onvoldoendes en werd naar een bijles klasje gestuurd. Het huiswerkklasje. Daar werd mij verteld hoe ik beter kon plannen en wanneer ik mijn huiswerk zou moeten maken. Uiteraard meteen als ik thuis kwam, was het advies, want dan zat de stof nog vers in mijn hoofd. Eigenwijs als ik was, zei ik braaf, ja hoor. En deed het gewoon op mijn eigen manier, die natuurlijk veel beter was. Gewoon de laatste avond, voordat wij dat vak weer hadden.

Vooral voor Engels haalde ik de meest fantastische cijfers. We hadden dat jaar 4 rapporten en mijn Engels ging van een 5 naar een 4, toen dus die huiswerkklas en haalde ik weer een 5, maar uiteindelijk eindigde ik op het laatste rapport met een 3. Best een mooi rijtje 5453 maar niet genoeg om op de HAVO te mogen blijven, want ik had nog meer zulke rijtjes. Dus op naar de MAVO.

Niet gezien worden Nu waren dit niet de gelukkigste jaren van mijn leven, maar daar hadden we het niet over, vroeg niemand naar en liep je niet mee te koop. Aan de buitenkant was het reuze gezellig, veel lol en de pias uithangen, wat hadden we een plezier. Ik overschreeuwde mezelf door stoer, lollig en onverschillig te doen, maar van binnen voelde het eenzaam en alleen. Diep ongelukkig en mijn cijfers pasten daar wel bij.

De iemand van dit liedje kende ik toen nog niet echt…

 

Dan maar Duits Na de derde klas van de MAVO was mijn Engels inmiddels zo slecht, vanwege desinteresse en weinig inzet, waardoor ik besloot om er ook maar geen examen in te doen en onder die voorwaarde mocht ik door naar de volgende ronde. Klas 4, het examenjaar. Omdat er toch een buitenlandse taal bij moest werd het Duits, want dat lag nog het dichtst bij het Gronings.

Loopbaanplanning? Advies werd er toen niet gegeven, je deed maar wat. Hoe gaat het met je?Wat wil je met je leven? Welke kant wil je op? Wat lijkt je leuk om te doen? Welke vakken kun je misschien wat aan hebben? Deze vragen werden niet gesteld.  Dus zoek het uit…Maar ik wist niet waar ik zoeken moest. Op school hadden ze het een keer over de INTAS, een schakelopleiding voor als je nog niet wist welke kant je op wilde en dus ben ik daar naar toe gegaan. Op de INTAS kwam ik er achter dat het over het algemeen over de zorg ging, nou dat wilde ik helemaal niet. Dat wist ik wel, dat de zorg niets voor mij was. (ik had eerder zelf zorg nodig) Hoe kom je dan op zo’n opleiding verzeild? Tja, zo dus. Gewoon geen begeleiding, zelf geen idee en geen vragen durven stellen, niet weten waar je wezen moet en je deed maar wat. Na 1 van de 2 jaren INTAS had ik het wel gezien. Daarna nog een blauwe maandag op de MEAO gezeten en toch maar gekozen om geld te gaan verdienen.. Tja, als een kip zonder kop het leven in. Was ik een loverboy tegen gekomen, dan was ik mee gegaan en had ik nu…

Verwonde mensen, verwonden mensen En nu zijn we vele jaren verder. 30 jaar om precies te zijn. Als ik achterom kijk dan zie ik bijzondere omstandigheden in mijn leven. Door zo op te groeien ben ik beschadigd en doordat ik beschadigd ben, heb ik anderen weer beschadigd. Gelukkig is er altijd hoop. Hoop voor iedereen. Voor de dakloze, de vluchteling, de tienermoeders, dat jochie dat bekend staat als het vervelendste kind van school, dat aandacht trekkende meisje met haar uitdagende kleding en gedrag, de criminelen, de drugsverslaafden, de hoeren en de tollenaars. Kijk verder dan wat je op het eerste oog ziet. Er zit een verhaal achter. Niemand wordt als ettertje geboren. Veroordeel anderen niet. Het oordeel is sowieso niet aan ons.

Wat mij enorm heeft geholpen en heeft veranderd is, dat ik God heb leren kennen Jaren was ik in de volle overtuiging dat ik niets was. Al vanaf mijn jonge jeugd voelde ik mij niet geliefd en dacht ik dat het niets uitmaakte dat ik hier op aarde was. Ik voegde immers niets toe aan deze wereld. Ik deed maar wat.

Wat een verkeerde gedachten had ik over mezelf en over anderen Totdat iemand mij ging uitleggen wie God echt was. Ik kende God alleen als een veroordelende God, ik deed alles toch fout en kon mij nooit aan de wet houden, dus waarom zou ik mijn best nog doen. Totdat ik er dus achter kwam dat het heel anders in elkaar zat!

Tjonge jonge, wat een omwenteling, levens veranderend God heeft mij bedacht, houdt van mij!  Hij kent mij, heeft mij bedoeld en daarom mag ik er zijn. En de scherpe kantjes die ik heb, gevormd door het leven, daar wil Hij mee aan de slag. Niet hardhandig, maar hoe meer ik Jezus leer kennen, hoe meer ik leef naar Zijn voorbeeld. Dit gaat vanzelf. Niet tegen mijn zin in, maar gaandeweg. Ik heb geleerd om milder te worden, minder te oordelen, vergevingsgezind te worden en ga zo maar door. En dat wil God met iedereen bereiken. Om te worden zoals Hij het bedoeld heeft. Niet maar wat rond sukkelen, maar leven vanuit de liefde van God. God houdt van jou en mij! Hij is de schepper van ons allemaal. Je mag er zijn! Al zal iedereen je veroordelen om wie je bent, hoe je doet of juist niet doet, God heeft je bedacht en gemaakt en daarom ben je van waarde! Daarom slaat het oordeel van mensen over elkaar nergens op. Het is belangrijker wat God van mij vind. En soms stap ik weer in de valkuil van, wat mensen van mij vinden, dan mag ik weer ontdekken, dat dat niet belangrijk is. God houdt van jou en mij!

Inmiddels zit ik weer op Engelse les, gewoon omdat het leuk is om wat te leren en omdat Engels best handig is in dit leven. Maar het blijft wat halfbakken bij mij, ik stoethaspel als ik een buitenlander aan de telefoon krijg op mijn werk, al gaat het steeds beter. Het blijft een hele toer, maar goed. Dat maakt mij niet zoveel uit. Ik doe mijn best en dat is genoeg.

 

Verloren hondje

 

 

opruimwoede

Nu we aan het opruimen zijn, vanwege de verhuizing, kom ik van alles tegen.

Onder andere mijn schoolboeken waar ik vele avonden over gebogen heb gezeten, waar ik slapeloze nachten van heb gehad. Waarmee ik wel  mijn diploma heb gehaald en uiteindelijk zelfs een hele leuke baan. Soms moet je doorzetten om je dromen te verwezenlijken.

In de tijd dat ik met die opleiding bezig was, kwam ik mezelf behoorlijk tegen.

Tot die tijd had ik alles prima onder controle, maar toen ik moeilijke sommen moest maken, dingen moest leren die ik echt niet begreep, kwamen de negatieve gedachten over mezelf behoorlijk naar boven. Tot die tijd was ik me daar niet van bewust, omdat het wel reilde en zeilde en ik de controle wel over mijn leven had, ik alles wel in de macht had. Maar toen het wat moeilijker werd,  ik buiten mijn comfortzone kwam, ik niet alles meteen begreep en dus buiten mijn comfortzone kwam, ging het riedeltje in mijn hoofd werken…Ik kan het niet, ik weet het niet, veel te moeilijk, dit haal ik nooit, waar ben ik aan begonnen, dit lukt me toch nooit enz.

Mijn hele leven kwam op de kop te staan en ik voelde me eenzaam en onbegrepen.

Vertelde ik hier over aan anderen en hoe deze gedachten tot stand waren gekomen door mijn jeugd,  dan kwam men meteen met een oplossing. Man, laat dat achter je! Dat is geweest, maak je je daar nu nog druk om? Ach, overal is wel wat en ga zo maar door. Je moet dat vergeten, je er overheen zetten, niet meer aan denken.  Zo moest ik het maar gaan doen, want dat hadden zij ook gedaan. Nou ja, daar kon ik dus niet zoveel mee en voelde me nog meer eenzaam en onbegrepen. Dit was in elk geval niet waar ik behoefte aan had in die tijd.

In die tijd stond er een column in de krant, waar ik veel in herkende. Ik heb het toen uit de krant geknipt en ik kwam het nu weer tegen.

Gelukkig heb ik mijn leven weer op de rails, maar dat is toch wel een heel proces geweest. En omdat ik weet dat er velen zijn die in eenzelfde proces zitten, heb ik die column van toen hieronder overgenomen. Credits zijn dus voor iemand die in het ND een column had genaamd ‘Verloren hondje’ 

 

 

hondje  VERLOREN HONDJE

Met de regelmaat van de klok zitten er meiden bij mij aan tafel ( want meestal gaat dit over meisjes en veel minder over jongens) die het allemaal niet meer zien zitten. Ze voelen zich depressief, wat per definitie inhoudt dat ze zich machteloos, hulpeloos en hopeloos voelen. Ze zien het niet meer zitten en daarbij komt al snel boven tafel dat ze zich vooral ook erg alleen voelen.

Ze voelen dat niemand hen begrijpt, dat niemand hen kan helpen, dat ze er altijd alleen voor staan.

Gelukkig sis het bijna nooit zo dat die meisjes er ook echt alleen voor staan: ze komen uit gezinnen met ouders die voor hen en hun broertjes en zorgen. Sterker nog: meestal gaat het met die broertjes en zusjes nog goed ook. Hoe komt het dan toch dat deze meisjes zich zo alleen voelen en het leven niet meer zien zitten?

Als ik goed luister, hoor ik vaak zeggen dat ze zich niet begrepen voelen door de mensen om hen heen. Dat ze wel aangeven hoe ze zich voelen , maar dat dit niet helpt. En als ik dan vraag hoe mensen daarop reageren, vertellen ze dat ze hen gaan troosten met woorden als ‘het komt wel goed’. Ze bedenken oplossingen geven tips en adviezen.

Met één van die meiden kwam ik op het volgende verhaal: het verloren hondje. Dat verhaal gaat als volgt.

Er zit een tiener op de stoeprand hartverscheurend te huilen als er iemand langs komt lopen. Die persoon vraagt aan de tiener wat er aan de hand is. Ze vertelt dat haar hondje is weggelopen. Wat doet degene die langs loopt vervolgens? Hij gaat meteen het hondje zoeken, maar komt later zonder hondje weer terug. Als de voorbijganger nu eerst eens had gevraagd maar het hoe en waarom van het weggelopen hondje, ha deze gehoord dat het dier al jaren geleden is weggelopen. De tiener huilt op dit moment, omdat ze net een hondje zien lopen dat haar erg aan haar eigen hondje deed denken. En als de voorbijganger dan gevraagd had hoe hij of zij kon helpen, had de tiener wellicht gezegd dat een arm om haar heen tot het huilen over was haar erg geholpen zou hebben. Zonder vragen naar het hoe en waarom, zonder tips en adviezen over hoe het hondje te vinden of een nieuw hondje te nemen, maar gewoon ruimte, zorg en aandacht voor het huidige verdriet.

Nu is dat makkelijker gezegd dan gedaan, ruimte geven aan het verdriet, de machteloosheid en hulpeloosheid van een ander. Je moet immers zorgen dat er niet te veel ruimte wordt gegeven, anders kan het nare gevoel groeien en komt er geen einde meer aan. Maar aan de andere kant moet je het wel kunnen verdragen om niet actief oplossingen aan te gaan bieden waar de ander niets aan heeft. Als je dat kunt, voel je echt even mee met de ander.

Dan voel je je op dat moment ook even machteloos of hopeloos en dan pas kun je terecht zeggen ‘ik begrijp je’.

Rouw

genade

 

Rouwen is hard werken.

Uit ervaring weet ik dat je alle kanten op geslingerd wordt. Het is verdrietig als je iemand moet missen, de lege plek voelt. Vooral bij speciale gelegenheden waar ze bij had moeten zijn. De feestdagen of de feestdagen in mijn eigen leven. Juist dan voel je extra het gemis. Soms kun je ook ineens overspoeld worden door gemis. Word je even geraakt door een voorval, iets wat je ziet en je denkt, hè, dat hebben wij nu niet meer. Mis je even, wat er niet meer is.

Er is hoop.

Het maakt het een stuk lichter als je weet dat degene die overleden is bij God is. Het is daar goed en ooit zullen we elkaar weer zien. Daar geloof ik ook zeker in. Wat een troost geeft dat!

Geen twijfel, want in de bijbel staat duidelijk in Johannes 11: 25 en 26  Jezus zei: ‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat?’

Nou simpel, als je dat gelooft is het klaar. Geen zelfgemaakte regels en voorwaarden waaraan je moet voldoen. Het maakt niet uit bij welke kerk je hoort, wel of niet gedoopt bent, als kind of als volwassene of zelfs beide, het maakt niet uit. Ben je een volgeling van Jezus? Geloof je in Hem? Daar gaat het om. Dat is genoeg! Fantastisch toch! Hoe vaak ik ook domme dingen doe, niet genoeg aan alle voorwaarden voldoe die ik mezelf opleg of die ik me misschien voel opgelegd door anderen. Het is goed. Jezus heeft alle zonden van mij op zich genomen en is er voor aan het kruis geweest. God ziet mij als puur, heilig en rein. Al zie ik dat soms zelf niet zo en kan ik daarmee wel worstelen, dan mag ik weer aan het kruis denken, de dood is overwonnen. Ik geloof in Jezus en wil hem volgen met vallen en opstaan. Daarom mag ik vrij bij God komen. Wauw, wat een genade!

Hoop. Hoezo hoop?

Wat kan dat soms simpel klinken. Soms weet je dat van je dierbaren gewoon niet. Omdat ze er niets van willen weten er duidelijk afstand van hebben genomen of helemaal anti zijn geworden. Dat maakt het extra moeilijk en pijnlijk. Heb je dan wel hoop? Kun je dat wel hebben?

Gelukkig kijkt God naar het hart.

God ziet waarom er afstand is genomen, wat de afwegingen hiervan zijn geweest.  Hoe moeilijk het is om te geloven vanwege de omstandigheden in het leven. Omdat er zoveel in een leven gebeurd aan teleurstellingen, pijn en verdriet dat het moeilijk is voor die persoon. Afgeknapt op regeltjes in plaats van gewoon puur geloven. Gruwelijke dingen meemaken zoals verwaarlozing, eenzaamheid, mishandeling. Mensen doen elkaar zoveel aan in deze wereld, waardoor Jezus absoluut niet zichtbaar wordt.

Gelukkig laat God ook nooit los.

Hij wil dat iedereen bij Hem komt en zal je niet loslaten. Hij is een plan begonnen en daar zit ook een vrije keus in, maar toch zal Hij steeds aan de deur van je hart blijven kloppen. Hoe vaak kan iemand op zijn ziekbed niet meer naar zijn omgeving uiten wat in hem of haar leeft, het misschien niet meer durven zeggen of kunnen zeggen. Toch is God bij deze persoon. God laat niet los. God gaat met ze mee. Hij ziet dan de worsteling van het los moeten laten van het leven hier op aarde, Hij kent hun gedachten en weet wat er in hen leeft. God is genadig. God ziet veel meer dan wij zien. Zelfs tot aan de laatste seconde van het leven hier op aarde is God erbij.

Wij weten het niet.

Dat maakt het lastig en verdrietig voor ons. Wij willen graag zekerheid, waar is die persoon nu? Is die wel bij God? Maar dit is iets tussen hem/haar en God. Wel mogen wij weten dat Gods genade oneindig veel groter is dan wij kunnen bedenken en bevatten. Verder moeten wij het echt loslaten, hoe pijnlijk ook.

 

En ik ben niet beter dan die ander die niet gelooft.

Ik zou alleen graag willen dat die ander ook zou geloven, die liefde van God ook zou voelen en ervaren in zijn/haar leven. En dat hij/zij later ook in een vast vertrouwen naar God zal gaan om bij Hem te wonen. God komt met een ieder van ons tot Zijn verheven doel. Hoe ons leven ook verloopt, wat er ook gebeurt… God laat niet varen, het werk, dat Zijn hand begon. Dus daar vertrouw ik op en verder mag ik. ja moet ik het loslaten.

 

Wie had dat gedacht…

1 jarig bestaan

Precies 1 jaar geleden plaatste ik mijn eerste Somses bericht

Er werd zo vaak tegen mij gezegd, je moet columniste worden, iets met schrijven gaan doen. Dat zou leuk zijn, maar hoe doe je dat? Uiteindelijk ben ik als hobbyist van start gegaan en dat bevalt prima!

Er moest eerst nog wel even een hobbel genomen worden

Want als je wat schrijft en dat komt op internet, dan is het wel openbaar. En dan kun je kritiek krijgen. Wat gaan de mensen van je denken? Schrijf ik dan dingen waar mensen van zeggen, tja, moet zij zeggen! tsss…Nou, ik ken haar wel anders. Of, waarom schrijft ze dat nu weer? je gaat toch geen vuile was buiten hangen. Dat zeg je toch niet?

Training

Vorig jaar heb ik een training  gedaan om in 4 stappen te bedenken wat ik uiteindelijk wil doen in mijn leven. Wat past bij mij, wat zijn mijn gaven en talenten, wat kan ik er zelf aan doen om bij mijn doel te komen en wat kom ik tegen in dit traject. Wat kan ik hierin verwachten?

Ik voelde de veroordeling al

Het werd me tijdens deze training wel duidelijk dat ik ook kritiek zou kunnen verwachten. Tijdens deze training werd ik daar zo mee geconfronteerd dat ik helemaal klein werd en de tranen me in de ogen stonden. Ik voelde de veroordeling al. Totdat ik dacht, ach, BN’ers krijgen ook elke dag kritiek, maar zij gaan ook gewoon door. Dat weerhoud hen ook niet. Moet ik mij wel zoveel gaan aantrekken van deze kritiek? Het moet toch niet langer belangrijk zijn wat een ander van mij vindt?  En ik rechte mijn rug en zette weer een stap in de training.  Ik besloot, ik ga het toch doen die weblog.

waarom ook niet

Waarom kan ik zo slecht tegen kritiek?

Zeker de eerste 40 jaar van mijn leven heb ik geleefd als een pleaser. Het iedereen wat naar de zin maken, zodat ze mij wel leuk en aardig zouden vinden en ik erbij mocht horen. Goed mijn best doen, foutloos willen zijn, want anders faalde ik. Dat was best vermoeiend en ik werd er ook absoluut niet gelukkig van. En lachen om mijn eigen fouten en tekortkomingen kon ik al helemaal niet. Na die eerste 40 jaar kreeg ik nieuwe inzichten aangereikt. Dit heeft mij erg veranderd en ik ben het anders gaan doen. Ik sta anders in het leven en kan nu om mezelf lachen als ik een blunder bega. Het houd ook in, dat ik het nu niet iedereen meer naar de zin maak. Met als gevolg, dat ook niet iedereen mij meer leuk vind. Sommigen vonden mij namelijk alleen leuk, zolang ik deed wat zij wilden.

Best spannend

En toch is dat voor mij best spannend om zo te leven. Tenminste, ik was dat nooit zo gewend. Gewoon je eigen ding doen, je eigen plan maken, je eigen mening hebben, trouw aan jezelf zijn en niet je oren laten hangen naar anderen. Ik heb zo mijn eigen ideeën en opvattingen, mijn eigen normen en waarden. En die mogen er zijn, net zo goed als dat die van een ander er ook mogen zijn. Zo schrijf ik op wat ik denk en hoe ik ergens tegen aan kijk, waarmee ik worstel en waar we elkaar in kunnen herkennen. Spannend hoor. Beetje het gevoel alsof je in je nakie staat.

Maar gelukkig mag dat, anders zijn

Het was niet mijn bedoeling om anderen te veroordelen in al mijn berichten, maar ik heb gewoon mijn eigen kijk op de dingen opgeschreven en die is Somses wat afwijkend. En dit jaar zijn het er al met al 26 stuks geworden. Als de humor en inspiratie mij niet in de steek laat, hoop ik er volgend jaar nog een paar te plaatsen.

See you at Somses.nl

 

In mijn hart gesloten

De afgelopen maanden hoor je er elke dag wel iets over in het nieuws

De beelden zijn schrijnend en het is onvoorstelbaar wat een leed er is in de wereld. Het vluchtelingenprobleem is enorm.

In Griekenland komen de boten met vluchtelingen aan land. Sommige vluchtelingen hebben het niet gehaald en zijn onderweg verdronken op zee, anderen komen meer dood dan levend aan wal. Wat is er aan de hand daar verderop? Wat speelt daar, waardoor mensen besluiten om hun land te verlaten? Dat ze ondanks wat ze zien en horen in de media, toch nog proberen om met een boot over te steken naar veiliger oorden?

Een paar weken geleden was daar de aanslag in Parijs en werden wij in Europa opgeschrikt. Oeh, dan komt het ineens dichtbij! We maakten even van ‘dichtbij’ mee, wat terreur precies is. Wat angst en dreiging is, dood en verderf. Wie kun je vertrouwen en waar ben je veilig? Dit zal het zijn en dan nog vele malen erger, wat de mensen in Syrië ongeveer meemaken. Elke dag weer. En ik begin een heel klein beetje die angst mee te voelen waarom zij zijn gevlucht.

bootvluchtelingen op zee

En dan valt er een brief van de gemeente bij ons in de bus

Met de aankondiging dat er crisis noodopvang voor deze vluchtelingen zal komen in de sporthal. Ik ben blij verrast en het is ook nog eens in de sporthal vlak achter ons huis. Hoe mooi is dat! Hulp kunnen bieden en zo dichtbij! Deze mensen, na een verschrikkelijke reis, welkom kunnen heten in ons land. Dat is precies wat ik graag zou willen doen, dus geef ik me meteen op als vrijwilliger.

De hele sporthal wordt klaargemaakt en ingericht voor de noodopvang, een voorlichtingsavond voor omwonenden wordt georganiseerd, vrijwilligers worden ingeschreven, vloerbedekking in de sportzalen gelegd, veldbedjes geplaatst, lange tafels om aan te eten worden klaar gezet, warme kleding ingezameld en de EHBO en beveiliging staat paraat. In een paar dagen tijd wordt alles geregeld en de vluchtelingen kunnen maar komen.

En zo mag ik op een middag en avond meehelpen

Eerst gaan we kleding te verdelen onder degenen die iets nodig hebben. Sommige mensen lopen in t-shirt, korte broek en op slippers, ook een warme jas hebben ze nog niet. Voor de kinderen wordt er gevraagd om warme schoenen en sokken en er is shampoo en zeep, babyvoeding, maandverband, scheerschuim, deodorant voor iedereen die iets nodig heeft.

Het lijkt me zo erg om op een dag van huis te vertrekken, de deur achter je dicht te doen en je weet niet of je ooit nog terug komt. Met misschien één tasje met spulletjes bij je. Je loopt, sluipt, rent en sjokt kilometers per dag en na enkele dagen voel je je echt wel vies. Je loopt door de regen en de kou, slaapt ergens en uiteindelijk betaal je iemand voor een boot. Op een afgesproken moment verzamel je ergens met anderen en stap je in een gammel bootje. Op hoop van zegen vertrek je naar Europa, want daar moet het beter zijn. Je maakt heel wat mee tijdens zo’n reis en onderweg slaan mensen over boord die niet kunnen zwemmen, je hoort ze gillen en uiteindelijk verdrinken ze. Je wilt wel helpen maar je moet ook om jezelf denken. Ieder is voor zich bezig. Als je met je gezin met kleine kinderen onderweg bent heb je je handen vol om goed op je kindjes te passen, zelf in leven te blijven en heel aan te komen in Griekenland. De kinderen zijn moe, hebben honger en huilen. Zelf staat je het huilen nader dan het lachen, in je achterhoofd de zorgen en je weet niet waar je terecht komt. Maar je moet verder, je moet door. Weg van die afschuwelijke terreur en angst omgeving van je eigen land.

vluchtelingen

’s Avonds na het eten komt er een dj de boel wat opvrolijken

De mannen dansen hun Syrische dansjes, ik dans met de kinderen mee. Er is even tijd voor gezelligheid en ontspanning. Er is een meisje wat me steeds weer uitnodigt om mee te komen dansen en een klein lief jochie van een jaar of drie, dat me steeds weer bij de hand wil houden. Hij hoeft niet zo nodig te dansen, als hij mij maar even vast kan houden. Aan de kant staan een paar meisjes van een jaar of vier, vijf, die eigenlijk nog niet durven mee te doen, maar zo nu en dan hebben we even contact en uiteindelijk komen ze in de kring en verschijnt er toch nog een glimlach op hun gezicht.

2015-06-14 17:45:03 A man carries a girl as Syrians fleeing the war pass through broken down border fences to enter Turkish territory illegally, near the Turkish Akcakale border crossing in the southeastern Sanliurfa province, on June 14, 2015. Turkey on June 14 began accepting onto its territory Syrian refugees fleeing the battle between Kurds and Islamic State (IS) jihadists for the Syrian border town of Tal Abyad, an AFP photographer said. Dozens of Syrian refugees, many carrying sacks of possessions, started passing through the Akcakale border gate onto Turkish territory as thousands more awaited their turn to cross on other side. AFP PHOTO / BULENT KILIC

 

Wat een reis

Als ik uitgeput van het dansen aan de kant ga zitten kom ik in gesprek met enkele vrouwen. Dánisha,  Saleema, Fadilah en Aiesha vertellen mij van hun reis en van hun familie. Sommigen zijn 11, anderen wel 26 dagen onderweg geweest om hier te komen. Aiesha is een jonge vrouw van 22, pas getrouwd en toen is haar man halsoverkop vertrokken uit Syrië. Dit is al weer anderhalf jaar geleden. Hij is inmiddels al in Nederland en heeft ook al een status. Zij is hem nu via Turkije achterna gereisd en dit is een barre tocht geweest. Ze is moe, maar zo blij dat ze hier nu is. Ik vraag haar waarom? Waarom liet hij jou daar alleen? In mijn beste Engels, en dat is best slecht, hebben we een gesprek. Soms begrijpen we elkaar totaal niet en vallen we terug op de vertaling op haar mobiel. Zij tikt in het Arabisch in wat zij mij wil vragen en de zin komt in het Nederlands op het scherm te staan. Dan gaat het gesprek weer verder en zo verteld ze mij dat haar man moest vechten tegen zijn eigen volk. Het leger van Assad en de IS wat zij minachtend Daesh noemen, daar is hij halsoverkop voor gevlucht. Ik zie haar angst en begrijp waarom haar man niet anders kon. Hij moest haar achter laten en gelukkig kunnen zij contact hebben via hun mobiel en weten ze van elkaar waar ze nu zijn, maar wat een onzekerheid en stress. Ze zullen elkaar binnenkort weer zien en in de armen sluiten. Hoe fijn is dat!

Cultuurverschillen

Er komen nog wat mannen bij zitten en we komen in gesprek over de winter van Nederland. Ze hebben geen idee wat sneeuw is en ik googel wat plaatjes van schaatsen en sneeuw. Hoe koud is de winter dan precies? Ik probeer uit te leggen wat een kwakkelwinter is en dat het twee weken kan duren, maar voor hetzelfde hebben we sneeuw van 40 cm hoog. Och, je weet het nooit hier en dat is ook bijna het spannendste wat we hier mee maken in Nederland. Ik voel me bijna schuldig dat we het hier zo goed hebben en toch nog piepen en zeuren over het weer. Dat gaat uiteindelijk toch nergens over?! Er is ook een jongen uit Eritrea die tolk is en we raken in gesprek over de plek van de vrouw hier in Nederland. Dat vrouwen hier ook werken en dat mannen dan meehelpen in het huishouden. Hilariteit alom. De jonge mannen liggen helemaal in een deuk. Zij aan het dweilen en ramen wassen? Nee, daar kunnen ze zich niets bij voorstellen. En ze maken poetsbewegingen en ze lachen naar elkaar. Maar ik zeg tegen ze, lach maar, maar over vijf jaar doe je het zelf misschien ook. En dan liggen ze helemaal dubbel van het lachen.

Het gesprek krijgt een iets ernstiger toon

We raken aan de praat over de verschrikkingen in hun land. Er zijn best veel jonge mannen in de crisisopvang maar het blijkt dat ze, of moesten vechten of vluchten. Vechten tegen hun eigen volk, tegen IS of Daesh zoals zij het consequent noemen. (omdat het een terroriste groep is en geen staat) Ja, tegen wie vecht je? Hun eigen president is niet meer te vertrouwen, er is geen veiligheid meer in hun eigen land. Ze zijn massaal op de vlucht geslagen. Ik zeg dat IS inderdaad slecht is, zoals wij het hier in de media zien. En dan vragen ze mij op de man af: Zijn wij ook slecht? Wij zijn moslims. Denk jij dat wij ook zo zijn? Nederlanders willen ons hier niet hè? Dat hebben ze allang gehoord onderweg. Denk jij  dat ik ook zo ben? Maar nee, echt niet! Waarom zou ik bang voor jullie zijn? Een terrorist is wat anders dan een moslim. We kunnen toch gewoon met respect voor elkaar in hetzelfde land wonen? Diezelfde rust en vrede wensen we elkaar toe. Iemand van hen begint over kerst, want dat duurt niet lang meer en ik vraag wat kerst precies voor hen betekent. Ik ben christen, jullie niet. Wat vieren jullie dan? Voor mij is het de geboorte van Jezus als de zoon van God. De redder voor ons maar hoe zien jullie dat? Vieren jullie wel kerst? Hij vertelt dat ze wel aan de geboorte van Jezus denken maar dan als een van hun profeten. Maar hier zijn ook mensen die christen zijn zegt hij, en hij roept er nog iemand bij. Kijk, hij is christen en deze man laat zijn kettinkje met een kruisje er aan, aan mij zien. Wij hebben respect voor elkaar hoor zeggen ze. Wij willen gewoon in vrede met elkaar leven.

joh 3 vers 16 kerststal

De mensen in Nederland willen ons niet

En ik leg uit dat Nederlanders eigenlijk heel bang zijn om te delen. Wij hebben het goed en dat willen we graag zo houden. Het komt er op neer, dat we hetzelfde doen als die mensen in dat reddingsbootje. Ieder voor zich, alleen in ons geval gaat het niet om leven en dood, maar om pure luxe. Ik vertel maar niet wat ik voor reacties op internet gelezen heb naar aanleiding van hun komst in ons dorp, want dat is te triest voor woorden. Gelukkig is ons dorp erg positief en zijn er ruim genoeg vrijwilligers. De was wordt voor deze mensen gedraaid door mensen uit de buurt, er worden spelletjesmiddagen georganiseerd, de basisscholen laten de kinderen kleurplaten maken waar ‘welcome’ op staat, de kapster komt langs om de haren te knippen, er wordt Nederlandse les gegeven en zo worden deze vluchtelingen hier warm onthaald. Het is fantastisch om te zien hoe gastvrij wij hier als gemeenschap zijn. Ik voel me trots op onze gastvrijheid. En ben blij dat dit gebeurd, tegenover al dat negatieve nieuws in de media. Zo kan het dus ook!

Dankbaar

Ik ben ingepland tot half 9 ’s avonds. Tegen tienen denk ik, eigenlijk moet ik zo langzamerhand naar huis, maar het is zo goed om hier te zijn. Deze mensen zijn zo dankbaar dat ze hier zijn. Wij denken wat een armoedig gedoe in zo’n sporthal, geen fatsoenlijke plek om te slapen, geen privacy enzovoorts, maar deze mensen zijn zo blij dat ze veilig zijn. Dat er rust is hier. Geen spanning maar vrede. Wij zijn veilig hier, zeggen ze steeds weer. Dat is genoeg. ’s Avonds kom je dan weer thuis in je eigen huis en kijk je eens om je heen. Wat hebben wij dan een luxe. Een eigen huis en bed om in te slapen, elke dag te eten, de ruimte die we hebben, de vrijheid om te gaan en te staan waar we willen. Wat hebben wij veel, zien we dat wel? Deze vluchtelingen zijn zeker niet te benijden om de situatie waarin ze verkeren, maar wat zijn ze dankbaar!

Ik heb ze in mijn hart gesloten en moet nog vaak even denken aan al de gesprekken die we gehad hebben. Ik hoop dat ze een goede tijd mogen hebben hier in Nederland.